Ik ben een meer in de bergen
Ver van alles en iedereen
De zon straalt op mijn rimpelloze vlakte
Ik geniet van de warmte om me heen
Een bergmarmot komt naast me zitten
En raakt me liefkozend aan
Neemt een slokje van mijn water
En blijft nog even bij me staan
Plots begint het te waaien
Wolken verschijnen in mijn gezicht
Regen begint te vallen
Tranen ontnemen mijn zicht
Onder het oppervlak wordt het onrustig
Iets heeft me geraakt
Verdriet komt naar boven
Door beroering ontwaakt
De marmot is nog steeds bij me
Vol vragen van binnen
Maar hoeft geen antwoorden
Liefste, wat moet ik toch zonder jou beginnen
